Uniek aan de oogregistratietoepassing van oog.voor.lezen is dat zowel iemands technische leesvaardigheid als iemands begrijpende leesvaardigheid in kaart worden gebracht. Lezen begint met de visuele waarneming van grafische tekens. Tijdens het lezen bewegen onze ogen met sprongetjes (saccades) van gemiddeld 8 tot 9 letters langs de regel van een tekst. Tussen zo een beweging staan de ogen korte tijd even stil. We noemen dit fixaties. Tijdens zo een fixatie, die 200 tot 250 milliseconden duurt, houden we ten behoeve van de woordherkenning de grafische informatie in het geheugen vast. De oog.voor.lezen methode is bij uitstek geschikt om de technische leesvaardigheid te meten. Door registratie en analyse van oogbewegingen, waaronder de hierboven genoemde saccades en fixaties, wordt iemands leespatroon heel inzichtelijk gemaakt. Op grafische wijze wordt duidelijk hoe iemand nu precies leest. Hoe snel bewegen de ogen langs een tekst? Hoe vaak springt iemand met de ogen terug naar een eerder punt in de tekst? En op welke woorden fixeren de ogen? Oog.voor.lezen geeft u een duidelijk en ontegensprekelijk inzicht.
